God is kennis  

EVANGELISCHE ZENDING BEM DO BRASIL
Roterende Bijbelstudie
Bron: I&II Timothy from The Banner of Truth Trust. De brieven van Paulus aan Timotheüs ISBN 90 266 0778 4.

Bijbelstudie van 2 Timoteüs

2 Timoteus 112 Timoteus 222 Timoteus 332 Timoteus 441 TimoteusTm 1
VolhardingVolhardingSoldaten van Jezus ChristusSoldatenChristelijke DwaalleraarsDwaalleraarsNut Heilige SchriftenHeilige SchriftenVermaningenVermaningen

Soldaten van Jezus Christus

Volharding - 2 Timoteus 1

Verzen 1-2, zie 1 Timoteüs 1:1-2

Verzen 3-5 Ondanks het feit dat Paulus in een donkere kerker te Rome zit en mogelijk een gevecht op de dood met leeuwen wacht, blijft hij God danken. Hij ver van klagen zoals menigeen in gelijke situatie zal doen. Blijft hij danken en voorbeden doen.
Bij voorouders kunnen wij denken aan Abraham, Isaak, Jakob, Mozes, Elia, Jesaja, Daniel en allen die hun geloof toonden in het Oude Testament. Zij allen geloofden in de opstanding na de dood. Zij keken vooruit naar de komst van de Messias.
Hij dient als een knecht zijn Heer, Jezus Christus, en preekt naar alle waarheid met een rein geweten het ware evangelie en opstanding. Zelfs in de kerker geketend aan een soldaat. Zelfs in de gevangenis houdt hij niet op het evangelie te verkondigen. Daar als knecht blijft hij dag en nacht bidden voor Timoteüs en alle leden van de gemeenten die hij in Azië heeft gesticht.
Mogelijk bij het afscheid van Paulus, had Timoteüs bitter geweend over zijn scheiding van de persoon die hem als kind beschouwde. Paulus verlangde er naar om hem opnieuw te zien als troost in de donkere kerker.
In Handelingen 16:1 wordt Timoteüs de zoon van een gelovige Joodse vrouw genoemd. Hier geeft Paulus de naam van zijn moeder Eunike en vermeldt ook de naam van zijn oma Lois. Beide vrouwen waren Joden en hadden evenals de voorouders een ongeveinsd Joods geloof en waarschijnlijk door de prediking van Paulus tot geloof in Jezus gekomen als vervulling van de Messiaanse belofte.

Verzen 6-7 Door de handoplegging van Paulus bij de inzegening van Timoteüs waren de gaven van Paulus overgedragen aan Timoteüs. Het was aan Timoteüs om deze gaven te benutten en te gebruiken in de zware omstandigheden te Efeze van aanvallen door de dwaalleraars en mogelijk waren de vervolgingen van christenen door de Romeinen reeds begonnen. Het is de kracht van de Heilige Geest die de gelovige wapenen tegen een geest van lafhartigheid en met volle kracht het evangelie te verkondigen. Een kracht van liefde om de naaste en de vijand lief te hebben en met wijsheid (bezonnenheid) het evangelie te verkondigen en Gods Woord te verkondigen en te onderwijzen.
Als een gelovige meer de macht van satan vreest (lafhartigheid) en minder op de macht van God vertrouwt, dan is deze gelovige verloren.

Verzen 8-10 Timoteüs behoeft zich niet te schamen. Jezus was als Knecht gestorven aan het kruis. Paulus zit in de donkere kerker gebonden aan een Romeinse soldaat. Hij dient te volharden, zoals Jezus had volhard tot de dood aan het kruis, zoals Paulus volhardt in de evangelie verkondiging in de gevangenis. Hij moet volharden in de moeilijke omstandigheden te Efeze en het evangelie blijven verkondigen. De Heilige Geest is zijn kracht.
Het is Jezus, die ons (Paulus, Lois, Eunike, Timoteüs, elke arbeider van Jezus, elke gelovige) behouden heeft, namelijk ons vrijgekocht heeft van de zonden en eeuwig leven geeft. Het is een Heilige Roeping van God om te geloven in het werk van Jezus Christus. Het is niet het werk van ons (volbrengen en onderhouden van de wet), maar het werk van Jezus Christus. Het is genade van God over de onmacht van de mens over de zonde.
Het was het voornemen reeds voor de schepping van de aarde (Begin van Genesis 1:1) dat Jezus zou sterven voor de zonden van de mens. Dat is de mens geschonken na de zondeval. En geopenbaard gedurende de vier eeuwen van schepping tot de geboorte van Jezus. En de twee eeuwen van geboorte van Jezus tot heden. Welke genade voor eeuwige tijden zal duren na de dood en opstanding van de gelovige in Jezus Christus.
Onze Heiland Jezus Christus is na vier eeuwen van belofte aan de wereld getoond in het vlees als mens. Hij is gestorven EN opgestaan uit de dood. De verleiding door satan en de zondeval bracht bij de schepping de dood van de mens. En werd de mens een kind van satan. Jezus Christus heeft met Zijn dood en opstanding een einde gemaakt aan de macht van satan voor een ieder die Jezus Christus als zijn of haar Heiland aanneemt. Een einde aan de kracht van de dood (gescheiden van God en een straf in de poel des vuurs). Een einde aan dat de Gods Geest van de mens is weggenomen en daardoor niet in staat met God te communiceren. Een ieder die tot geloof komt, ontvangt onmiddellijk de Heilige Geest om weer met God te kunnen communiceren (de Bijbel te kunnen begrijpen en middels gebed). Door geloof zal de gelovige onvergankelijk (zonder einde, eeuwig) leven ontvangen. Dit goede nieuws is aan het licht gebracht door de evangelie verkondiging.

Vers 11 Paulus is persoonlijk door Jezus Christus op de weg naar Damascus aangesteld als evangelie verkondiger, apostel (ter vervanging van de apostel verrader Judas) en leraar. Eerst de verkondiging van het goede nieuws. Maar daar blijft het niet bij, de gelovige moet groeien van de melk tot de vaste spijze. De groei van kind zijn van verlossing door het bloed van Jezus tot het zoonschap van priesterlijk koningschap onder volledig leven en controle van de Heilige Geest. Om tot de wijze maagden te behoren die meegaan bij de eerste Wederkomst van Christus naar de Hemel en deel te nemen aan de Bruiloft van het Lam in de Hemel. Een onderwijs van het heilige christelijk leven met zijn waarden en normen. Een onderwijs van wat de Wil is van God voor de christen.

Vers 12 Ten gevolge van deze aanstelling tot apostel, verdraagt Paulus al zijn lijden (honger en dorst, schipbreuk, veertig-min-een slagen, vervolgingen, gevangenis). Daar schaamt hij zich niet voor. De buitenstaander mag hem minachten, op hem neerkijken, hem een dwaas achten. Maar het vertrouwen van Paulus is in zijn Heer waarop hij zijn vertrouwen stelt. Hij weet dat zijn Heer hem kan verlossen. Daniel werd uit de leeuwenkuil verlost. Paulus weet dat zijn Heer hem kan verlossen van de dood met het gevecht met de leeuwen. Daarom volhardt hij tot die dag van zijn dood.

Vers 13 Zo wees niet bevreesd, je heb mij als voorbeeld. Volhardt in de gezonde leer van de evangelie verkondiging en onderwijs. Schaam je niet om aangevallen te worden door de dwaalleraars te Efeze. Je hebt mijn onderwijs ontvangen, je bent tot geloof gekomen en je bent door mij aangesteld als verkondiging en leraar. Sta niet toe (vanwege je jeugdige leeftijd van circa 35 jaar) dat er op je neer gekeken wordt. Je hebt mijn gezag ontvangen. Toon je liefde in Christus Jezus voor de mens.

Vers 14 Het ware evangelie, het zuivere onderwijs dat door Paulus aan Timoteüs is geven, daarin moet hij volharden. Geen acceptatie van dwaallering, geen modificatie in de geringste vorm. Het zuivere bewaren door de kracht van de Heilige Geest, die in Paulus, in hem, in elke gelovige woont.

Vers 15 Gemeenteleden in Asia schaamden zich voor Paulus in de gevangenis. Onder anderen Fygelus en Hermogenes, deze twee bij namen genoemd, zijn dwaalleraars die Gods Woord verdraaien, zie 1 Tim 2:17.

Vers 16 Onesiforus was de enkeling (uit Efeze?) die Paulus dikwijls in de gevangenis had bezocht en zich niet schaamde dat Paulus aan een Romeinse soldaat was geketend. Zijn bezoeken had Paulus het leven minder zwaar gemaakt. Paulus bidt dat de Here barmhartigheid bewijst aan het huis van Onesiforus. Waarom? Mogelijk was zijn familie in Efeze bezorgd over deze bezoeken in de gevangenis. Mogelijk omdat dit niet zonder gevaar van zijn eigen leven was. Wij weten niets over de rechten van Paulus in de gevangenis, maar christenen werden vervolgd.

Vers 17 Waarom had Onesiforus ijverig Paulus gezocht bij zijn aankomst in Rome? Er kunnen verschillende redenen zijn.
a. Hij was nimmer eerder in Rome geweest en onbekend met de stad.
b. Rome was deels verwoest door de grote brand wat verwarring veroorzaakte.
c. Gedurende enige tijd was de verblijfplaats van Paulus onbekend voor de gelovigen in Rome.
d. Het aantal gelovigen in Rome was sterk gereduceerd door de vervolgingen van Nero.
Onesiforus had niet opgegeven en na een zoektocht Paulus eindelijk gevonden. Daar er vervolgingen waren, mogelijk had hij zich moeten inspanningen om toegang tot Paulus te krijgen. Geen wonder dat Paulus hem lof geeft en barmhartigheid vraagt voor zijn familie te Efeze.

Vers 18 Timoteüs kent Onesiforus heel goed vanwege de goede diensten die hij heeft gedaan en getoond in Efeze. Onesiforus stond bekend om zijn goede dienst in Efeze, waar Timoteüs verblijfde.

Terug naar topTerug naar boven

Soldaten voor Jezus Christus - 2 Timoteus 2

Soldaten voor Jezus ChristusVerzen 1-2 Paulus schrijft deze brief aan zijn zoon in Jezus Christus, Timoteüs. Timoteüs accepteerde Jezus naar de prediking van Paulus en Paulus beschouwde hem als een zoon, omdat Timoteüs met grote precisie in het evangelie volgde.
Waarschijnlijk was Timothy ongeveer 37 tot 40 jaar oud.
Paulus wilde dat Timoteüs het evangelie aan andere mensen zou verkondigen, net alsof hij de woorden van de Heer tot hem sprak. Niet alleen winnen van mensen voor Christus, maar voorbereiden als arbeiders die in staat zijn om het woord van de Heer te onderwijzen. Hij moest leraren in het Woord trainen. Het doel was dat wanneer Paulus stierf, Timoteüs door zou gaan en wanneer Timoteüs stierf, anderen zouden doorgaan. De groei en voortzetting van de kerk tot aan de komst van Christus.

Verzen 3-6 Lijdt daarom met mij de pijnigen en martelingen als een goede soldaat voor Jezus..
Paulus vergelijkt het leven van de gelovige als een soldaat. Het leven van een soldaat is erg zwaar. Een soldaat leeft in een oorlog. Voortdurend onder vijandelijke aanvallen, branden en bommen. Zonder te rusten. Je moet voorbereid zijn op een ruige aanval. Jij moet degenen zijn die aanvalt en de overwinning behaalt. Dus vecht tegen de duivel. In Jezus Christus zijn we zeker van de overwinning, omdat Jezus stierf aan het kruis en opstond uit de dood. Hij overwon de dood en verkreeg de overwinning van de duivel. Dat is de reden waarom onze overwinning zeker is. Maar zoals elke oorlog zijn er gewonden en doden. Dit geldt ook in de oorlog tussen de machten der duisternis en Jezus Christus met zijn strijdkrachten, de gelovigen. Een gelovige die in gebed vecht en het evangelie verkondigt, de vijand satan en de duisternis verkondigt, zal aangevallen worden. Dit mag de gelovige niet verbazen. Op gelijke wijze gaat een soldaat niet zonder voorbereiding het gevecht in, een gelovige treedt niet binnen zonder voorbereiding.
Hij of zij moet zich eerst goed voorbereiden. Met Bijbelstudies, leer door volwassen gelovigen, bestuderen van Bijbelcommentaren, lezen van boeken over de machten der duisternis, praktiseren van het geestelijke leven, vervuld zijn met de Heilige Geest.

Laten we de oorlog en het evangelie met elkaar vergelijken

De vijand valt het land binnen en neemt het land illegaal in bezit. De duivel is illegaal op aarde, want wanneer Jezus stierf aan het Kruis en opstond uit de dood, heeft Jezus Christus de aarde gewonnen en verloor de duivel het recht op de aarde. Maar hij wenst niet weg te gaan. Daarom moeten wij gelovigen de aarde overwinnen en het evangelie prediken.Ten eerste in de oorlog zullen de spionnen het terrein spioneren en ontdekken waar de zwakke en sterke punten zijn. Gelijkerwijs moet een gelovige de zwakke en sterke punten van de duivel en de demonen bespioneren. Eerst moet de gelovige de Bijbel bestuderen, boeken lezen over de duisternis, Bijbelcommentaren en luisteren naar de getuigenissen van andere christenen over deze strijd. Hiermee word je een soldaat voor Jezus Christus.
Na de spionage, volgt de aanval met artillerie en vliegtuigbommen om de vijand te verzwakken. Dus de gelovige gebruikt het woord van de Bijbel om de positie van de duivel te verzwakken. Daarom moet de gelovige een diepgaande Bijbelse wijsheid hebben, omdat de duivel een meester is in verkeerde voorstellen en spreken van halve waarheden. Kijk wat er gebeurde in het paradijs en de verleidingen van Jezus nadat Hij 40 dagen in de woestijn was.
De gelovige bombardeert de hemel met gebeden tot God, zodat God Zijn engelen tegen de demonen zendt en het hart van de ongelovige voor te bereiden.
Eindelijk volgt de aanval. De soldaten vallen aan. De gelovigen, zijn de soldaten van Jezus Christus, ga naar de straat om te evangeliseren en zielen te winnen voor de Here Jezus Christus. De gelovige legt diep uit waarom de mens een zondaar is en waarom hij redding nodig heeft. Wat de gevolgen als hij of zij Jezus Christus niet als Verlosser accepteert, een eeuwig leven in de poel des vuurs. Dit alles met heel veel liefde.
Geen enkele soldaat wordt tijdens de veldtocht vermoeid met de zorg van voedsel en wapens.
Een soldaat kan niet vechten en zich concentreren op oorlog als hij of zij zelf ook voor het voedsel moet zorgen. Als hij of zij zelf voor het voedsel moet zorgen, zal hij zeker verliezen. Daarom als gelovigen je besluit om te gaan werken voor de Here Jezus Christus, zorg eerst voor een groep gelovigen om jou te ondersteunen in gebed en voeding. Zonder dit is het gevecht verloren.
De generaal is de persoon die regisseert en beveelt waar de soldaat vecht. NIET jij. Daar is de Here Jezus Christus de generaal, Hij is het die de plaats bepaalt in het lichaam van Christus, de plaats van jou in de oorlog tegen de duisternis als een soldaat voor Jezus Christus. Hij heeft belooft te zorgen voor de noden van zijn soldaten.

Ballerina

Hij heeft (slechts) hem te voldoen, door wie hij aangeworven is.
Een atleet kan verschillende mensen zijn zoals een hardloper, ballerina, lanswerper of bokser. Iedereen moet het lichaam trainen en zorgdragen om het maximale gewicht niet te overschrijden. Alle spieren moeten worden getraind zodat er geen letsel optreedt. Als het gewicht te hoog is, kan het lichaam het gewicht niet aan ​​en in dat geval wordt de atleet gediskwalificeerd.

Laten we diepgaand dit vers 5 spreken. Om mijn punten te illustreren, wens ik het voorbeeld van een bokser te gebruiken.
Een atleet of bokser moet enorm trainen voordat hij of zij de ring voor het eerst betreedt. Zonder voorbereiding zal hij of zij gewond raken. Hij moet het gehele lichaam trainen: de voeten, het lichaam, de armen en het hoofd.
Eerst de voeten. Als de bokser niet stevig op zijn voeten staat, valt hij bij de eerste slag op de grond. Zo traint de atleet alle lichaamsspieren om weerstand te bieden aan de slagen van de vijand. De gelovige traint in het Woord van God om stand te houden wanneer de duivel hem aanvalt. Efeziërs 6, verzen 11 en 12, spreekt over het aantrekken van de hele wapenrusting van God, opdat jij in staat zult zijn om te weerstaan ​​aan de listen van de duivel. Want we moeten de geestelijke krachten van het kwaad bestrijden.

BokserGrote bokser tegen kleineNa de voeten volgt de lichaamstraining die de meest kwetsbare organen bevat: het hart, de nieren, de maag, de longen. Of sprekend met Efeziërs 6 verzen 13 tot 16 omgord hun lendenen, hun lichamen, met waarheid en geloof. De gelovige gebruikt het Woord van God dat is waarheid en geloof om te waken tegen de aanvallen van duisternis. De Bijbel spreekt de waarheid dat elke persoon zonder Jezus Christus naar de hel gaat. Zonder Jezus Christus is hij of zij verloren, hij of zij is gescheiden van God. En wacht slechts een eeuwig leven na de dood in de poel des vuurs. Een vreselijke plaats zonder einde, voor altijd. Maar voor degene die Jezus Christus als Redder aanvaardt, is de straf overgedragen aan Jezus Christus en deze persoon ontvangt het eeuwige leven in de Hemel. Dit is de waarheid en het geloof. Daarna volgt de training van de armen. De gelovige zal het evangelie verkondigen. Hiermee is hij gekleed met de helm om het hoofd te beschermen. Of sprekend met Efeze 6 vers 17: de helm van redding, wat het Woord van God is.
De eerste keer dat de bokser de ring betreedt, wint hij niet.
Vele malen moet hij in de ring staan ​​om ervaring op te doen. Maar op een dag komt hij en wint hij. Een grote bokser wint al snel van een kleine bokser. De eerste keer dat de gelovige het evangelie verkondigt, wint hij de ongelovige niet. Moet herhalen, vaak praten. Veel gebeden, maar tenslotte zal de ongelovige gewonnen worden en hij of zij zal Jezus Christus als Redder accepteren. Waarom? Omdat Jezus Christus de overwinning belooft!
Maar de gelovige moet vechten om de kroon te krijgen!

PloegerDe ploeger of boer moet de eerste zijn die van de vruchten geniet. Het werk van een ploeger is erg zwaar. Om de vruchten te verkrijgen moet hij eerst de aarde cultiveren. Hoe?
Eerst ploegen de ossen de aarde om en de rotsen komen tevoorschijn uit de aarde. Vervolgens worden deze stenen handmatig verwijderd. Dit werk wordt elk jaar herhaald. Het is een continu proces.
Wanneer een persoon Jezus Christus als Redder aanneemt, is hij of zij gelukkig. En de Heilige Geest zal werken, eerst openbaart Hij de grootste zonde in het leven. De gelovige moet alle onzuiverheden bekennen, zoals het lezen van horoscopen, leugens, ongehoorzaamheid, zoeken naar het occulte, (seksuele) misbruiken, overspel, incest, gebruiken van drugs, abortus, etc.
Na de rotsen en stenen verwijdert de boer de kiezels. Hoe meer de gelovige groeit, des te meer onthult de Heilige Geest diepere zonden. De gelovige moet trouw zijn en blijven bekennen, zodat hij of zij zal blijven groeien in geloof en kennis van het Woord van God. Daarom moet hij of zij dagelijks de Bijbel lezen en bidden.

Hoe intensiever deste meer groeit de gelovige, zal hij of zij meer vervuld zijn met de Heilige Geest, zullen de vruchten van de Heilige Geest meer en meer zichtbaar worden. Als een voorbeeld: hij of zij niet langer door het rode licht rijden, zal de wetten gehoorzamen, eerlijk belastingen betalen, enz.
Gewoon de Bijbel lezen, is niet genoeg. Je moet tijd nemen om te studeren, de Heilige Geest vragen, dat Hij onthult wat er is geschreven. Doe een diep gaande studie van het Woord, studeer binnen een Bijbelstudiegroep. Lees Bijbelcommentaren, lees evangelische boeken, boeken over duisternis, over spirituele veldslagen, etc.
Na het ploegen, volgt het zaaien. De zaden gaan in de grond. Het zaad sterft. Evenzo sterft de gelovige aan zichzelf. Hij denkt minder aan zichzelf en meer en meer aan andere mensen wat ze nodig hebben: eten, kleding, liefde. De boer blijft bij hard werken: hij heeft het water nodig, beschermt tegen doornen en doornen tot de oogst klaar is. De gelovige moet dagelijks bidden voor ongelovigen, overheid, voorgangers, leraren, zendelingen, enz. De gelovige gaat zaaien, dat wil zeggen, het evangelie verkondigen. Hard werken, vechten tegen de duivel en mensen.
Het resultaat is de oogst. Mensen accepteren Jezus Christus als Redder en de duivel verliest terrein.

Denk aan wat ik zeg, omdat de Heer je in alles inzicht zal geven.
Het is de Here Jezus Christus die de oorlog leidt, Hij zendt de gelovige. Jezus Christus bepaalt voor elke gelovige, een plaats in het lichaam van Christus. Eén als voorganger, één als leraar, één als leraar, één als profeet. Want het is de Heer die begrip geeft in alle dingen. Hij leert elke arbeider wat hij nodig heeft.
Wanneer de gelovige dagelijks de Bijbel leest en bidt, staat hij dicht bij Jezus Christus en de Heer geeft de woorden die de gelovige nodig heeft wanneer hij tot een ongelovige spreekt. Ongelovigen kunnen onvoorziene vragen hebben, maar de Heilige Geest heeft overal een antwoord op. Voorwaarde is dat we Bijbelstudies voorbereiden en boeken over evangelisatie lezen. De voorganger moet boeken over theologie en pastoraal lezen.
En denk niet aan een luxe leven met comfortabele huizen. Paul leed in de gevangenis, geboeid als een crimineel. Maar hij had daar geen probleem mee, omdat het doel is dat mensen gered worden door het evangelie en Jezus Christus als Redder accepteren. Want het Woord is waar, Jezus Christus stierf aan het Kruis voor onze zonden, Hij stond weer op, op de derde dag. Daarom heeft de gelovige zekerheid van het eeuwige leven na de dood op aarde.
Maar er is één voorwaarde: we moeten volharden. Net als de atleet, de soldaat en de boer, volharden ze tot het einde tot het behalen van de kroon en de oogst.
Hier is de belofte dat we als koning met de Heer zullen regeren. Als we ontkennen, zullen we niet regeren met Jezus Christus.

PopeyeStudieBijbelPopeye moet spinazie eten om sterk te zijn, dus de gelovige moet eten

  • Het woord van God om duisternis te weerstaan ​​en het evangelie te verkondigen,
  • Veel bidden voor ongelovigen, zodat zij de Heer Jezus Christus als Redder en Heer zullen aannemen.

Laten we vechters en soldaten zijn van onze Here Jezus Christus en het koninkrijk van de duivel aanvallen en zielen van ongelovigen winnen.











Vers 7 Sla acht op wat ik in mijn brieven aan jou heb geschreven en in mijn brieven aan de gemeenten in Azië. Sla acht op het onderwijs van de andere apostelen. Bestudeer het Oude Testament en vergelijk tekst met tekst. Bidt om wijsheid, Jakobus 1:5. Het is de Heilige Geest die de uitleg geeft van de Bijbel. Hij geeft volledig inzicht in de betekenis van de Bijbeltekst in haar juiste context.

Vers 8 Let op de woord wisseling Jezus Christus terwijl in deze brieven Christus Jezus wordt gebruikt. Hier ligt de nadruk op de mens Jezus die geleden heeft op aarde en gestorven aan het kruis en de dood overwonnen heeft, de Christus. Timoteüs dient niet bevreesd te zijn voor de vervolgingen en aanvallen in Efeze. Als een goed soldaat moet hij bereid zijn de aanvallen te doorstaan. Christus heeft de dood overwonnen. Mocht hij sterven door de vervolgingen, heb geen vrees, jouw leven is in handen van Jezus Christus die jou ten eeuwige leven zal opwekken. Jezus Christus is uit het beloofde zaad van David. Christus is nu gezeten aan de rechterhand van God in de Hemel. Indien je volhardt in de vervolgingen, DAN zul je ook met Jezus Christus regeren als koning. Niet de vervolgingen van de keizer Nero bepalen de loop van de wereld, maar de koning der koningen Jezus Christus, Die regeert vanuit de Hemel en wel voor eeuwig. Daarom wees niet ontmoedig door de vervolgingen en dwaalleraars.
Naar mijn evangelie a. Paulus had het direct van Christus Jezus ontvangen (Galaten 1:12). b. Paulus was aangesteld als verkondiger, apostel en leraar. c. Ondanks in de ogen van de dood en in de gevangenis, blijft hij het evangelie verkondigen.

Vers 9 Het leven van Paulus in de donkere kerker was zwaar, geboeid aan een soldaat, welke zijn bewegingen beperkte ook in zijn slaap. Onschuldig vernederd als een crimineel, als een persoon die kwaad doet aan het volk. Gelijk Jezus tussen de criminelen onschuldig als misdadiger gehangen weer aan het kruis. Hoewel ik geboeid ben, het Woord van God is niet geboeid, en kan ik vrijelijk verkondigen. De overheid kan mij dat niet beletten.

Vers 10 Paulus verdraagt alle verzoekingen en geboeid zijn voor het welzijn van de evangelieverkondiging zonder klagen. Waarom? Vanwege de uitverkorenen, zij die het evangelie aannemen om deel te krijgen in het eeuwige leven in Christus Jezus. Het doel is niet slechts de verlossing van zonden, maar een nieuw leven met een zondeloos lichaam voor de eeuwigheid in de Hemel. Dat is de reden waarom Paulus alles verdraagt.

Vers 12 Gods Woord is betrouwbaar, wat God belooft, zal Hij ook doen. Maar er zijn vier voorwaarden.

  1. Indien de gelovige gelooft dat Jezus Christus voor zijn of haar zonden is gestorven, dan zal hij of zij ook vergeving van zonden ontvangen. Vrij zijn van Gods toorn en eeuwig leven ontvangen. Dit geloven is een verblijvend iets, een vasthoudend geloof tot de dood op aarde. Jezus is gestorven voor de zonde en heeft de wet volbracht. Zo ook moet de gelovige sterven aan zijn wereldse leven en leven als een wedergeboren vrij van wereldse lusten. Zie Romeinen 6.
  2. Indien de gelovige volhardt (tot zijn of haar dood) in het geloof in Jezus Christus en zijn of haar leven stelt onder de controle van Gods Wil (dat is tot eer en glorie leeft van God), dan zal hij of zij als koning heersen in de toekomst. Dat is een levendige relatie met Christus Jezus hebben tot de dood op aarde. Een leven van Bijbellezen, Bijbelstudie, van gebed, het liefhebben van de naasten, kortom een leven zoals God de Vader dat wenst.
  3. Indien wij Hem verloochenen, dan zal Hij ons verloochenen. Zie Mat. 7:22-23, 25:12 en 10:33. Indien de gelovige niet volhardt in het geloof, niet tot eer te leven van God, blijft leven in de wereld, dan verliest hij of zij het leven in de Hemel. Verloochenen betekent trouweloos, ontrouw zijn. Het niet trouw zijn aan je leven geven aan Jezus, ontrouw aan je wedergeboorte, ontrouw aan berouw van je zondige en wereldse leven.
  4. Indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw. Jezus houdt Zichzelf aan Zijn beloften. God de Vader schenkt vergeving van zonden INDIEN de mens gelooft. Gaat de mens/gelovige over tot een ontkenning, dat is keert terug tot een leven in de wereld, dan loochent hij of zij het geloof. Dan keert terug tot een ongelovig zijn, als niet tot nieuwe erkenning komt voor zijn of haar dood, dan houdt God de Vader Zijn Woord, en blijft hij of zij onder het oordeel en zal (mogelijk, ik ben daar voorzichtig mee, maar laat het een ernstige waarschuwing zijn) leiden tot de poel des vuurs.

Dwaalleraars

Vers 14 Blijf dit in herinnering brengen aan de gemeenteleden en aan elke arbeid(st)ers in dient van Christus Jezus. Het is een serieuze zaak van eeuwigheid. Het is niet een tijdelijk iets van een aards leven. Neemt de arbeid(st)er of gelovige deze zaken niet serieus, dan speelt men met eeuwig leven. Het is jouw taak in de tegenwoordigheid van God. Men moet geen woordenstrijd voeren over andere leer/uitleg, fabels en geslachtsregisters (1 Tim. 1:3-4), dat is nutteloos en tijdsverspilling. Ja het leidt slechts tot verderf en afval van gelovigen. Ga niet in en over tot discussie met dit soort gelovigen.

Vers 15 Timoteüs moet zijn arbeid serieus nemen, zodat hij zich niet behoefd te beschamen op de dag dat hij voor de rechterstoel van Christus verschijnt. Zijn dienst is voor God, niet voor mensen, die hem bespotten en hij moet zich niet inlaten met dwaalleraars, die het Woord van God verdraaien. Hij moet rechte voren trekken bij zijn verkondiging en onderwijs. En zich door niemand van de wijs laten brengen. Geen liberale verkondiging. Maar een verkonding en onderwijs zoals door de Heilige Geest ingegeven.

Verzen 16-18 De verkondiging en onderwijs vereisen een juistheid en een ieder die afdwaalt, moet men afwijzen en verwerpen. Er mag geen conflict zijn binnen de kerk, welke bewerkt dat gelovige het oog verliezen voor de Waarheid en erger hun geloof verliezen en hun eeuwige leven. Dwaalleraars, onder andere Hymeneüs en Filetus, hebben het evangelie tot een holle klank gemaakt, namelijk door hun bewering dat de opstanding uit de doden voor gelovigen reeds heeft plaatsgevonden. Zij zijn het spoor bijster geraakt. Met als gevolg dat de goddeloosheid toeneemt als een kankergezwel. Hun valse uitleggingen en beweringen woekert als een kanker in het menselijke lichaam. Vreet de mens op en leidt tot de dood. Hun beweringen vreten gelovigen op waardoor deze gelovigen het eeuwige leven verliezen en tot hun dood in de poel des vuurs.
Heden heeft in kerken de verkonding van de geestelijke opstanding plaats en wordt de lichamelijke opstanding ontkent. Terwijl de Bijbel duidelijk leert dat bij de eerste Wederkomst van Christus de reeds gestorven en de nog in leven zijnde gelovige een nieuw zondeloos eeuwig lichaam ontvangt. Een lichaam gelijk aan het opstandingslichaam van Christus na zijn opstand uit de dood. En hoe kan de gelovige regeren als koninklijk priester met een geestelijk lichaam? Om te regeren heeft de gelovige een lichaam nodig. Jezus at brood en vis na Zijn opstanding, duidelijk een lichaam en geen geest.
Wat alles ernstiger maakte, was dat Hymeneüs en Filetus beweerden christen te zijn. Ja zelfs experts en meesters. Echter zij waren gelijk aan de Farizeeërs: zij wilden leraars der wet zijn, zonder ook maar te beseffen wat zij zeggen of waarover zij zo stellig spreken (1 Tim. 1:7). Zij verdraaiden zowel de wet van Mozes als het onderwijs van Paulus. Het gevolg was dat sommigen hun achternaliepen en het geloof verloren.

Vers 19 Valse profeten en die het Woord Gods verdraaien zullen vele verleiden en de wetsverachting zal toenemen (Mat. 24:11-12). Want niet allen, die van Israël afstammen, zijn Israël en ook niet allen, omdat zij nageslacht van Abraham zijn. Dat wil zeggen: niet de kinderen van het vlees zijn kinderen Gods, maar de kinderen door het geloof (Rom. 9:6-8). De Here God weet wat in het hart leeft van iedere gelovige. Is dat oprecht en leeft de gelovige niet in het vlees, maar in de geest, dan behoort hij of zij de Here toe. Want hij of zij heeft met de wereld gebroken, gebroken met de ongerechtigheid.
Het hechte fundament is het fundament van Christus (1 Cor. 3:10) waarop de gelovige al of niet bouwt. Het is de kerk van alle ware gelovige, die naar Gods Wil leven. De ware gelovigen die niet luisteren naar dwaalleraars en valse profeten.
De opstand van Korach, Datan en Abriram (Numeri 16) tegen het leiderschap van Mozes is een voorbeeld van de opstand van Hymeneüs en Filetus tegen het onderwijs van Paulus. Korach, Datan en Abriram en hun volgers werden gestraft door God en de grond sperde zijn mond open en levend verdwenen zij in het dodenrijk. Laat dit een les zijn voor valse leraars en hun volgers.

Vers 20 De kerk kan worden vergeleken met een groot huis. In een groot huis treft men vele voorwerpen aan, inclusief goud en zilver, welke men niet vindt in een klein huis. Goud en zilver stralen de rijkdom uit, dat wil zeggen de arbeiders van God die het evangelie naar waarheid verkondigen en onderrichten. De overige voorwerpen hebben elk hun eigen nut binnen het huis, sommige duidelijk zichtbaar, andere onzichtbaar. Maar elk van hen is onmisbaar. Zoals er vele leden van het lichaam van Christus zijn, die elk zijn of haar eigen plaats moeten innemen, want anders functioneert het lichaam niet goed.

Vers 21 Indien de gelovige leeft tot eer en glorie van God, zijn leven toewijd om de Wil van God te doen, dagelijkse de geboden van God in acht neemt, zijn of haar leven stelt onder de controle van de Heilige Geest (zichzelf reinigen), dan wordt hij of zij een voorwerp met eervolle bestemming, heilig en bruikbaar voor de eigenaar, de Here Jezus Christus. Gereed voor elke taak die de Here hem of haar opdraagt.

Vers 22 De wijze om zuiver te leven is om het kwade af te wijzen en te jagen naar het goede en te doen wat goed is (d.w.z. wat de wet en tien geboden onderwijst). Wat zijn de begeerten der jeugd? 1. Genot van voedsel en drank, van seks. 2. Macht om te heersen, dominant te zijn, zichzelf op de voorgrond te plaatsen. 3. Bezit van rijkdom, van huis, van auto. Bij de eerste verzoeking van Jezus, speelde het veranderen van stenen in brood. Bij de tweede verzoeking om van de tempel te werpen. Bij de derde verzoeking het aannemen van de wereld en satan te aanbidden. Het zijn alle drie dingen die spelen in een jeugdig leven (jong christen zijn), terwijl op oudere leeftijd deze dingen niet meer een prioriteit hebben (de volwassen christen) die zijn of haar leven wijdt aan Christus. Paulus roept Timoteüs op om te volharden in de levenswijze van Timoteüs om zich van deze dingen afzijdig te houden en op voort te gaan op de juiste weg van a. gerechtigheid een hart en geest gericht op de voorschriften van de Gods wet, b. trouw aan de Here Jezus Christus, c. liefde voor de naaste zowel voor broeders en zusters, maar inclusief voor de vijand, d. in vrede te leven met hen die de Here Jezus Christus met een volkomen hart dienen.
Jagen naar. Het onvermoeid zijn in het doen, zoals een goed soldaat nimmer (kan) rusten. Het is een continue iets. Zie commentaar op de verzen 3-6.

Verzen 23-26 Deze drie verzen vormen een eenheid. Een dienstknecht van God moet zich afzijdig houden van dwaze en onverstandige vragen, die strijd uitlokken. Het doel van de vragen is niet om beantwoord te worden, maar een eindeloze en zinloze discussie die tot ondergang en nederlaag leiden. Het leidt tot twist en verdeeldheid binnen de kerk. De dienstknecht (Timoteüs) moet het voorbeeld van Jezus volgen, namelijk met gezag onderwijzen en met geduld. Jezus geduldig en herhalend gebruikte vele parabolen om het evangelie en Koninkrijk van God te onderwijzen. Gebruikte voorbeelden uit het dagelijkse leven wat het christelijke leven inhoudt. Jezus schreeuwde niet, sprak niet luid. In tegenstelling van heden in de kerken met luide versterkers en geschreeuw. Hij moet vriendelijk zijn dat is niet geïrriteerd, intolerant, sarcastisch, minachtend. Hij moet trachten een ieder te winnen voor een berouwvol leven over de zonden en een leven tot eer van God. Vriendelijkheid is nodig om onderwijs te kunnen geven en raad. Maar vriendelijkheid sluit berisping en straf niet uit. Jezus berispte de Farizeeërs met zeven WEEs.
Het doel van dit alles is dat de dwazen en strijdlustige met onverstandige vragen komen tot erkentenis der waarheid. Een genade aan hen door God geschonken om hen vrij te maken uit de macht van satan, uit de strik van de duivel. Het is de strik van de duivel om in zinloze fabels en geslachtsregister genade te zoeken zonder de erkentenis van zonde en de noodzaak van verlossing door het bloed van Jezus Christus. Het is de strik van een geestelijk opstanding en geen lichamelijk opstanding. Het is de strik van liberale evangelie verkondiging. Alleen Gods genade kan hun ogen openen.

Terug naar topTerug naar boven

2 Timoteus 3

Vers 1 In de laatste dagen zullen zware tijden komen. Reeds in Efeze ondervond Timoteüs zware weerstand (vervolgingen) en tegenspraak door de dwaalleraars. Zoals het begin van een orkaan, in het begin zwak en meer en meer in kracht toenemend tot een verwoestende kracht die alles vernietigd. In de tijd van Timoteüs begon het en nu twee eeuwen later in heftigheid toenemend met aanslagen door Islamieten, een vervolging van christenen die tegen homoseksualiteit zijn, de introductie van gênero (geen onderscheid tussen mannelijk en vrouwelijk), tot de grootste zware tijd onder de Anti-Christ gedurende de zeven jaren van Grote Verdrukking.

Verzen 2-5 De opsomming van de mensen van vers 1 en hun egoïstisch gedrag. Een mens die alleen zijn eigen belang voor ogen heeft, die over lijken loopt. Volkomen ongehoorzaam aan de ouders en aan God. Uit op zijn of haar welzijn ook als dit ten koste van anderen gaat. Die zelfs anderen zal verraden, zoals in de Tweede Wereld Oorlog, om er zelf beter van te worden. Wat zich zal herhalen in de Grote Verdrukking. In deze eeuw zien wij de liefde voor de wereld, lust van wilde feesten, rijkdom, vrije seks, ook door christenen. Hun liefde is niet om tot eer van God te leven, maar puur een eigen genot. Het is een schijn van christen zijn, maar hun hart is gericht op het wereldse. Zij verloochenen het kruis van Jezus Christus, verloochenen hun christen zijn en houden de christelijke waarden en normen op een afstand, hun einde zal dan ook de poel des vuurs zijn.
Zij geven zichzelf over aan hun eigen wil. Geven hun lichaam aan insnijdingen, piercing en tatoeage, daarmee een ontkenning dat zij geschapen zijn in het evenbeeld van God. Geven hun lichamen over aan seksuele gemeenschap met kinderen, met hetzelfde geslacht, met dieren. Ondanks dat dit nu en in de toekomst door sommige kerken zal worden getolereerd, val niet in deze valstrik van de duivel.
Paulus waarschuwt voor deze strikken van de duivel, en beveelt de ware gelovige zich verre (op een afstand) te houden. Ga niet in discussie, maar vermijdt deze valse christenen. Val niet in de valstrik van dit soort dwaalleraars die deze tolerantie verkondigen. Houd je op een afstand, bezoek dit soort kerken niet.

Verzen 6-7 Satan begon met de vrouw Eva te verleiden, in de mogelijke wetenschap dat de man zou volgen in de valstrik. Hier wordt een gelijke methode beschreven. De dwaalleraars gaan de huizen binnen wanneer de man niet thuis is. Zij beginnen hun dwaalleringen te verkondigen, en sommige zwakke vrouwen zullen mogelijk hun mannen en gezin meesleuren in de dwaalleer.
Mogelijk bewust van de consequentie van zonden, maar niet beschaamd en volharden in het doen van de zonden en dingen die God verboden heeft. Geven zich over aan hun eigen lusten en wil. God is immers Liefde. Jezus Christus is immers gestorven voor de zonden, dus ontvang ik vergeving voor al mijn zonden. Daarmede hun geloof verloochenen.
De dwaalleraars zullen van huis tot huis gaan, regeringen overtuigen met hun dwaalleringen, en sommigen regeringen (Canada, Zweden) hebben reeds wetten aangenomen die tot gevangenisstraf leiden van christenen die de waarheid van de Bijbel verkondigen. Of de ouders worden uit hun ouderlijke macht gezet en hun kinderen van hun afgenomen. Wij leven duidelijk in de eindtijd en de komst van de Grote Verdrukking en Anti-Christ. Deze leraars zullen nooit tot de erkentenis der waarheid van de Bijbel komen.

Vers 8 Volgens Joodse geschiedenis waren Jannes en Jambres broers, die het broederpaar Mozes en Aäron weerstonden. De leiders van de Egyptische tovenaars en geleerden. Zij bootsten met hun wonderen de eerste wonderen van Mozes na. Na de derde plaag, de plaag van de muggen of luizen, toen het erop aan kwam leven te verwekken, moesten de magiërs bekennen dat het de vinger van God was.

Exodus 7:10-14 Mozes en Aäron kwamen tot Farao en zij deden, zoals de Here geboden had; Aäron wierp zijn staf neer voor het aangezicht van Farao en zijn dienaren, en hij werd een slang. Daarop riep Farao van zijn kant de wijzen en de tovenaars en ook zij, de Egyptische geleerden, deden door hun toverkunsten hetzelfde. Ieder wierp zijn staf neer en deze werden tot slangen; de staf van Aäron echter verslond hun staven. Maar het hart van Farao verhardde en hij luisterde niet naar hen – zoals de Here gezegd had. En de Here zeide tot Mozes: Het hart van Farao is onvermurwbaar, hij weigert het volk te laten gaan.

Volgens Joodse traditie zouden Jannes en Jambres mee zijn gegaan met de Exodus uit Egypte en het Israëlische volk hebben aangezet tot het maken en aanbidding van het Gouden Kalf. Ook in de Grote Verdrukking zal het Beest (Openbaring 13) met grote tekenen velen misleiden. Het Beest zal zich voldoen als zijnde God. Velen zullen het Beest (vergelijk het Gouden Kalf) aanbidden. Vergelijk de Israëlieten, het gelovige volk van God, die het Gouden Kalf gingen aanbidden, volgens de traditie opgezet door Jannes en Jambres. In de Grote Verdrukking zal het Beest velen verleiden, behalve wiens naam staat geschreven in het Boek des Levens (Openb. 13:13), de christenen die achter zijn gebleven bij de Opname van de Gemeente?
Laat het een les en waarschuwing zijn in de tijd die rest tot de eerste Wederkomst van Christus, de opname van de Gemeente. Houdt afstand van kerken die het Woord van God niet zuiver brengen, maar met tolerantie, dat is niet van onze tijd, dat geldt niet meer voor onze tijd, zo staat het niet in de grondtekst. Kerken die rijkdom verkondigen als een zegen van God. Terwijl Jezus duidelijk heeft gezegd om in Zijn voetsporen te treden van soberheid en verdrukking.

Vers 9 De vijanden van het geloof zullen toenemen in hun dwaalleer, als een kanker zullen zij de kerken binnendringen en gelovigen verslinden. Het lijkt erop dat zij in hun doel slagen en de gehele kerk zullen opeten. Het is Gods test van het ware geloof, de test van de keus om voor God te kiezen en Zijn geboden te onderhouden (en mee te gaan bij de Opname van de Gemeente, de wijze maagden). Dan wel te kiezen voor het gemakkelijk wereldse leven en achter te blijven bij de Opname van de Gemeente (de dwaze maagden). De gelovige vol van de Heilige Geest zal de dwaalleringen doorzien en zich niet laten verleiden.

Verzen 10-11 Paulus prijst Timoteüs dat hij volle aandacht aan het onderwijs van Paulus heeft geschonken en wandelt in het voorbeeld van Jezus en Paulus. Een wandeling in geloof, lankmoedigheid, liefde, volharding, het verdragen van vervolgingen en lijden. Paulus heeft in alles model gestaan als voorbeeld, Timoteüs heeft dit gekopieerd. Zo ook moet de hedendaagse christen het voorbeeld van Jezus en Paulus navolgen, kopiëren en tonen aan de wereld.
Mijn onderwijs, het onderwijs van Paulus, de brieven van Paulus, zoals hij doorgeeft wat hij van Christus Jezus heeft ontvangen.
Mijn wijze van doen, het uitoefenen van het gegeven onderwijs. Niet een horen van onderwijs en nalaten van het in praktijk brengen. Maar een actieve uitoefening van de Wil van God.
Mijn bedoeling, mijn doel. Paulus heeft de redding van de ongelovige voor ogen en het onderwijs zoals aan hem gegeven door Christus Jezus. Zijn doel is de Waarheid te verkondigen en geen dwaalleer. Zijn doel is een voorbeeld te zijn. Bij zijn eerste zendingsreis had men getracht hem te stenigen. Desondanks bezocht hij de gemeente opnieuw tijdens zijn tweede zendingsreis. Het doel is redding, onderwijs en voorbeeld te zijn. Jezus gaf onderwijs aan Zijn discipelen, verkondigde berouw van zonde en verlossing. Gaf Zijn leven aan het Kruis. Hij stierf voor de zonden van de mens.
Geloof is een volharding tot de Opname van de Gemeente. Een dagelijkse uitoefening van het geloof. Niet slechts op de zondag, maar een dagelijkse leven van Bijbellezen en gebed. Een dagelijkse bekentenis van een christen zijn en christelijk leven.
Lankmoedigheid en volharding, een volhardendheid in het getuigen een navolger van Jezus te zijn, ondanks alle vervolgingen, martelingen en aanvallen van dwaalleraars.
Liefde te betuigen aan God, de naaste lief te hebben, inclusief de vijand, zoals de barmhartige Samaritaan.
Vervolgingen en lijden, zie 2 Cor. 11:24-28. Sommigen waarvan Timoteüs bekend was door zijn aanwezigheid en horen van Antiochië, Ikonium en Lystra (woonplaats van Timote¨üs).
Maar Paulus was gered uit alle vervolgingen door Christus Jezus. Zijn lijden had een doel en zijn taak was nog niet volbracht. Mogelijk dat zijn taak hier in de gevangenis te Rome zou eindigen en zijn dood spoedig zou naderen. Zijn taak was mogelijk volbracht en ging nu over op Timoteüs.

Vers 12 Allen die hun leven wijden aan Christus Jezus, die leven onder de controle van de Heilige Geest, die leven tot eer en glorie van Jezus, zij allen zullen vervolgd worden. Door mensen, door dwaalleraars, door de duivel en demonen. Dat behoeft de ware gelovige niet te bevreemden. Het is de uitspraak van Jezus (Joh. 15:18-21).

Vers 13 De slechte mensen en bedriegers zijn beschreven in de verzen 2-9. Zij zal van slecht naar slechter (bad to worse) gaan. Hun gedrag zal alleen maar toenemen in het doen van kwaad, vervolgingen en misleiding. Laat de gelovige standvastig zijn en zich niet laten verleiden.

Nut van de Heilige Schriften, Oude en Nieuwe Testament

Verzen 14-15 Geleerd en toevertrouwd, wél bewust van wie je geleerd hebt. In eerste instantie van zijn oma Lois en zijn moeder Eunice. Het was de taak van Joodse ouders om hun kinderen de Heilige Schrift bij te brengen middels onderwijs en het memoriseren van Bijbelteksten, Deut. 6:4-9.

Hoor, Israël: de Here is onze God; de Here is één! Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht. Wat ik u heden gebied, zal in uw hart zijn, gij zult het uw kinderen inprenten en daarover spreken, wanneer gij in uw huis zit, wanneer gij onderweg zijt, wanneer gij nederligt en wanneer gij opstaat. Gij zult het ook tot een teken op uw hand binden en het zal u een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn, en gij zult ze schrijven op de deurposten van uw huis en aan uw poorten.

Het was de opdracht van God de Heilige Schrift (complete Oude Testament zoals wij die kennen) te onderwijzen aan de kinderen thuis, dag en nacht (gij opstaat en nederligt) en wandelt (onderweg zijt). Ook de Levieten en priesters (Jezus bleef achter na Pasen, vragen stellend aan de priesters) onderwezen het volk. De Heilige Schrift bevond zich ook aan de deurposten van het huis en de poorten van de stad. Daarom had Timoteüs een goede basis ontvangen door zijn Joodse oma en moeder. Tijdens de eerste zendingsreis had de apostel Paulus Lystra bezocht en waren zijn oma, moeder en hij tot geloof gekomen in Christus Jezus. Vanaf dat moment waren zij gegroeid onder leiding van Paulus en de Heilige Geest en waren zij trouw gebleven in woord en daad aan het onderwijs door Paulus.

Verzen 16-17 De Bijbel is geïnspireerd door God, onder leiding van de Heilige Geest gegeven aan de mens. Daarom is het nuttig om te onderwijzen, want alleen God weet wat goed (en slecht) is voor de mens. Daarom is het nuttige Gods Woord meerdere malen per dag te overdenken en in praktijk te brengen. Het is ter verbetering van de mens, zich te houden aan de wet (o.a. de 10 Geboden). De kinderen dagelijks op te voeden, te onderrichten en zich te laten houden aan Gods geboden.
De huidige Bijbel voor de christen bestaat uit het Oude en Nieuwe Testament, 66 boeken, zoals bepaald door de Counsel van Hippo, 393 na Christus.
Te onderrichten, Het onderwijzen en uit het hoofd leren.
Te verbeteren, het weerleggen van half-waarheden en dwaallering met behulp van Bijbelteksten.
Op te voeden in gerechtigheid, de onderwijzer moet de leerlingen trainen in dagelijks Bijbellezen, gebed en Gods geboden, normen en waarden in het dagelijkse leven uit te oefenen.
Waarom? Opdat de mens volkomen tot Gods eer en glorie leeft, tot welbehagen van God, zijn Schepper. Om goed werk te verrichten, zie Mat. 25:31-46, de verkondiging van het Evangelie.

Terug naar topTerug naar boven

2 Timoteus 4

Vers 1 Hoofdstuk 3 was een oproep van Paulus om de vervolgingen en weerstand tegen de Waarheid te verdragen. Hoofdstuk 4 is een nadrukkelijk beroep om de dwaalleringen en afval van de Waarheid te bestraffen en de Waarheid ondanks alle tegenspraak te verkondigen.
In de mogelijkheid van de spoedige dood van Paulus, doet hij een dringend beroep op Timoteüs om de Waarheid te blijven verkondigen. Hoe zeer geldt dit in onze tijd waarin de waarden en normen van de Bijbel worden aangevallen. De voorgangers en gelovige ouders mogen niet terugdeinzen maar moeten de geboden van God blijven respecteren en verkondigen, ondanks de mogelijkheid dat men aangevallen en zelfs in de gevangenis komt. Timoteüs, de voorganger en ouder hebben geen andere keuze, het is Christus Jezus, die levenden (gelovigen) en doden (ongelovigen Openb. 20:11-15) zal oordelen. Verzaakt de christelijke werker of ouder zijn taak, dan zal het oordeel volgen voor de rechterstoel van Christus, zie Cor. 3:10-16.
Niemand zal ontsnappen, de verschijning van Christus is een zekerheid. Eerst de opname van de wijze maagden bij de eerste Wederkomst van Christus. Daarna de verschijning van Jezus aan de gehele wereldbevolking bij Zijn tweede Wederkomst waarna Christus Jezus als koning zal gaan regeren gedurende 1000 jaar en daarna volgt het eindoordeel (Openbaring 20).

Vers 2 Hoe moet deze Waarheid worden verkondigd?

  1. Bazuin (verkondig) het Woord, predikt het Oude en Nieuwe Testament. Schreeuw het luid van de daken, gebruik alle propaganda mogelijkheden, pamfletten, huis aan huis bezoek, internet, televisie, radio, op straat en in de kerken en Bijbelstudies. Voorbeelden zijn Noach, God gaat de aarde vernietigen middels een zondvloed. Jona binnen 40 dagen wordt Nineve verwoest. Johannes de Doper, heb berouw en bekeer.
  2. Dring erop aan. Gelegen of ongelegen. Welkom of niet welkom, of men wil luisteren of niet, verkondigt de Waarheid. Of de mens of regering wenst te luisteren of niet, blijf hameren op het Evangelie en de wetten van God.
  3. Wederleg zondaren dat door goede werken en/of meditatie (yoga) men in de hemel komt. De mens is een zondaar, de Enige Weg tot de Hemel is berouw en inkeer, erkenning een zondaar te zijn en Christus Jezus als Verlosser en Heer aan te nemen. Weerleg dwaallering met Bijbelteksten. Weerleg het wereldse leven, tatoeage, seks voor het huwelijk, homoseksualiteit, etc.
  4. Bestraf de gelovige die de Bijbelse normen en waarden overtreedt. Bestraf de dwaalleringen, tolereer het niet, bestraffen volgen bij degenen die niet wensen te luisteren en volharden in hun zonden.
  5. Bemoedig met alle lankmoedigheid en onderrichting. Zondaren moeten bemoedigd worden met de goede boodschap van het Evangelie dat verlossing van zonden mogelijk is door Christus Jezus en overwinning van zonden door de kracht van de Heilige Geest. Gelovigen moeten bemoedigd worden dat vervolgingen en mogelijk dood slechts het lichaam betreft, maar hun een eeuwig leven wacht in de Hemel. Jezus ging de weg tot aan de kruisdood.
    Onderricht met Bijbelteksten, met voorbeelden uit het dagelijkse leven, door daden, door een voorbeeld te zijn met het onderhouden van de Bijbelse geboden.

Verzen 3-4 Want er komt een tijd. Wel die tijd is gekomen in onze eeuw, wij weten dat de Grote Verdrukking nabij is, waarin alles nog erger zal toenemen. Hoe lang nog? Persoonlijk schat ik de tijd (2019) nog een 3-10 jaar totdat de Grote Verdrukking begint. In onze decennia is het overduidelijk dat de mens de gezonde leer niet meer verdraagt (vrije seks, seks met hetzelfde geslacht, met kinderen, met dieren) veronachtzaming van de wetten van God en regeringen, geen respect voor verkeersregels, ongehoorzaamheid van de kinderen aan hun ouders, de vrije opvoeding van kinderen alles mag. Hun eigen begeerte voert de overhand. Hun gehoor keert zich af van de Waarheid, de Bijbel. Verzet zich tegen een zondaar zijn, verzet zich tegen het bestaan van God met Zijn wetten. Hun gehoor wend zich af dat God het goede met de mens voor heeft. De mens loopt satan achterna en aanbidt satan en demonen (satanisme).

Vers 5 Blijf nuchter, kalm, standvastig en wijs onder alle omstandigheden. Laat je niet van de wijs brengen door vervolgingen en dwalingen. Aanvaard het lijden als een goed soldaat van Christus alle martelingen en bespotting. Blijf het Woord in alle heftigheid verkondigen in alle waarheid. Bazuin het Evangelie. Verricht alle jouw taken als evangelist en leraar.

Vers 6 Paulus heeft de strijd bijna volbracht, zijn dood is nabij. Zijn verdediging voor de keizer Nero is aanstaande, met mogelijk een doodstraf. In het Oude Testament werd het offer (Paulus ziet zichzelf als een plengoffer) gebracht met behulp van olie als een liefelijke reuk voor de Here, Numeri 15:3-10:

Wanneer gij brengt de Here een vuuroffer, hetzij brandoffer of slachtoffer, hetzij om een gelofte in te lossen, of vrijwillig, of op uw feesten, om de Here een liefelijke reuk te bereiden van runderen of kleinvee, dan zal hij die de Here zijn offergave aanbiedt, als spijsoffer aanbieden een tiende efa fijn meel, aangemaakt met een vierde hin olie, en wijn tot een plengoffer; een vierde hin zult gij voor elk schaap bij het brandoffer of bij het slachtoffer doen. Bij een ram zult gij als spijsoffer twee tienden efa fijn meel doen, aangemaakt met een derde hin olie, en wijn tot een plengoffer, een derde hin; gij zult de Here een liefelijke reuk aanbieden. Wanneer gij een rund zult bereiden als brandoffer of als slachtoffer, hetzij om een gelofte in te lossen, of als vredeoffer voor de Here, dan zal men bij het rund als spijsoffer drie tienden efa fijn meel aanbieden, aangemaakt met een halve hin olie. En wijn zult gij brengen tot een plengoffer, een halve hin, als een vuuroffer tot een liefelijke reuk voor de Here.

Vers 7 Een betere vertaling is: De goede strijd heb ik gestreden, mijn race heb ik ten einde gebracht, mijn geloof heb ik behouden. De nadruk ligt niet op IK. De goede strijd heeft Paulus als een goed soldaat, als goede kampvechter, als goede hardloper (in de race) volbracht. Ondanks alle vervolgingen, honger en dorst, vijfmaal de veertig-min-één slagen, schipbreuken (2 Cor. 11:24-28) heeft hij zijn geloof in Christus Jezus behouden.

Vers 8 Hier schrijft Paulus over het ontvangen van de krans der rechtvaardigheid ontvangen vanwege het geloof behouden en de goede strijd gestreden te hebben. Zie de volgende Bijbelteksten voor alle kransen.

Jakobus 1:12 Zalig is de man, die in verzoeking volhardt, want, wanneer hij de proef heeft doorstaan, zal hij de kroon des levens ontvangen, die Hij beloofd heeft aan wie Hem liefhebben.
1 Petrus 5:1-4 De oudsten onder u . . . hoedt de kudde Gods . . . En wanneer de opperherder verschijnt, zult gij de onverwelkelijke krans der heerlijkheid verwerven.
Openb. 2:10 Wees niet bevreesd voor hetgeen gij lijden zult. Zie, de duivel zal sommigen uwer in de gevangenis werpen, opdat gij verzocht wordt, en gij zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees getrouw tot de dood en Ik zal u geven de kroon des levens.

Te dien dage, waarschijnlijk na de Opname van de Gemeente, als de gelovige voor de rechterstoel van Christus verschijnen en een ieder geoordeeld wordt en wel of geen loon ontvangt, 1 Cor. 3:11-16.
Jezus Christus is de rechtvaardige rechter, Hij oordeelt zonder aanziens des persoon. Niet gelijk sommige corrupte aardse rechters, die zich laten omkopen, een andere straf geven vanwege hun hogere opleiding of aanzien.
Het geldt niet alleen voor de apostel Paulus, maar de kransen zijn geldig voor elke individuele gelovigen die aan de voorwaarden voldoet.

Vermaningen

Verzen 9-11 Paulus voelt zijn dood naderen en wenst Timoteüs, zijn kind in Christus, nog eens te zien, vandaar het verzoek spoedig (voor de winter?) te komen. Demas had meer liefde voor de wereld, en hoevelen gelovigen hebben dit niet, had Paulus in de steek gelaten en was naar Tessalonica vertrokken, mogelijk omdat hij daar een goede wereld leven kon leiden. Crescens had ook Paulus verlaten en vertrokken naar Galatië, mogelijk het huidige Frankrijk, mogelijk om daar het evangelie te verkondigen. Alleen de arts Lucas was nog aanwezig. Paulus verzoekt Marcus, de zoon van Petrus, die mogelijk in Jeruzalem verbleef, mede te brengen. 1 Petrus 5:13 duidt er mogelijk op dat Marcus tezamen was met Petrus in Rome en daarom Marcus betekend is met de stad.

Verzen 12-13 Tychikus was door Paulus naar Efeze gezonden, mogelijk met brieven (aan Timoteüs) van Paulus. Mogelijk als vervanger van Timoteüs als deze Efeze verlaat om hem te bezoeken in Rome.
De mantel (paenula) was een grof wollen kleding die goede bescherming bood tegen kou en regen, echter had geen mouwen. Dat had Paulus nodig in zijn vochtige en koude kerker. Troas was niet ver van Efeze, zodat deze omweg de reis van Timoteüs niet bemoeilijkte.
De boeken waarschijnlijk papyrus-rollen en de perkamenten waren schaap, lam, geiten of kalf huiden geschikt gemaakt om op te schrijven. De boeken waren mogelijk het Oude Testament. De perkamenten nodig om zijn brieven te schrijven.

Verzen 14-15 Alexander was een algemene naam, zodat wij hem niet kunnen binden aan de andere Alexanders die in andere brieven worden genoemd. Hier specificeert Paulus hem als de koperslager, die mogelijk tegen hem getuigd heeft in Rome. Ondanks dat Jezus zegt voor onze vijanden te bidden, schrijft Paulus hier dat de Here Jezus Christus hem vergeld naar het kwaad dat hij aan Paulus heeft berokkend. Laten wij niet vergeten dat de Here de rechtvaardige rechter is.
Wees op je hoeden wanneer je naar Rome komt, hij is jouw vijand. Mogelijk werkte hij samen met de vervolging van christen en bracht hij een vals evangelie.

Verzen 16-18 Mogelijk zijn er meerdere rechtszaken geweest. Paulus schrijft hier bij mijn eerste verdediging heeft niemand mij bijgestaan in zijn verdediging. Allen hebben hem in de steek gelaten, mogelijk uit angst om zelf gegrepen te worden en in de gevangenis te komen met een mogelijke doodstraf. Maar Paulus begrijpt hen en vergeef hen. Want hij heeft enorm de aanwezigheid van de Here ervaren. Mogelijk heeft de Heilige Geest hem alle benodigde woorden ingegeven tot zijn verdediging. Helaas ontbreekt dit getuigenis. Wij hebben slechts de verdedigingen voor Felix (Hand. 24) en Festus (Hand. 25). Waarom deze verdediging niet door Paulus wordt gegeven, is een raadsel. Omdat Paulus al zijn perkamenten had gebruikt? En Timoteüs te laat in Rome kwam en de doodstraf aan Paulus reeds was voltrokken? Omdat Lucas niet bij de verdediging aanwezig was en niet op schrift kon stellen?
De verkondiging tot haar recht gekomen is en al de heidenen haar hebben kunnen horen. De Heilige Geest heeft met kracht het evangelie middels Paulus in de rechtszaal verkondigd. Iedereen in de rechtszaal was de mogelijkheid geboden om tot geloof in Christus Jezus als Verlosser en Heer te komen.
Ik ben uit de muil van de leeuw verlost. De meeste commentaren nemen dit niet als letterlijk. Persoonlijk zie ik geen reden waarom dit niet letterlijk te nemen. Mogelijk was hij na zijn verdediging veroordeeld tot de doodstraf middels het gevecht met de leeuwen. Aangezien Paulus gelijk Samson, David en Daniel de leeuwen hem niet hadden kunnen doden, was hij terug in de gevangenis. In afwachting van een andere doodstraf? Mogelijk voltrokken voordat Timoteüs hem kon bezoeken?
De Here zal hem beschermen tegen alle kwaadwilligers, zoals Alexander, en hem op Zijn tijdstip veilig brengen naar het paradijs hemels Koninkrijk).

Verzen 19-22 Een laatste groet. Trofimus heb ik ziek achtergelaten te Milete, slechts 36 mijl (52 km) van zijn huis te Efeze. Waarom de Here hem niet genas, weten wij niet. Het is Gods Soevereiniteit om te genezen of niet. Opnieuw het verzoek om voor de winter te komen. Paulus had zijn mantel nodig. Tijdens de winter (oktober-april) lag de scheepvaart stil, en mogelijk dat Paulus wist dat zijn dood nabij was, hij zijn geliefde kind niet meer zou zien.

Terug naar topTerug naar boven